Anatomie van de vrouwelijke voortplantingsorganen

De vrouwelijke voortplantingsorganen (eierstokken, eileiders en baarmoeder) bevinden zich in de onderbuik, ook wel het bekkengebied genoemd. De organen worden omringd door bijvoorbeeld de dunne en de dikke darm, de blaas en bloedvaten. De eierstokken (ook wel ovaria genoemd) zijn een set van twee organen met een doorsnede van circa twee tot vier centimeter. De eierstokken zijn via de eileider met de baarmoeder verbonden.

De anatomie van de onderbuik en het bekken

De anatomie van de onderbuik en het bekken.

Een eierstok bestaat uit drie lagen:

  • de buitenste laag (oppervlakte-epitheel)
  • de laag waarin eicellen rijpen (cortex)
  • de binnenste laag met zenuwen en bloedvaten (merg)

Eicellen

In de eierstokken liggen niet-rijpe eitjes opgeslagen, zo’n 250.000 tot 400.000 per eierstok. Per cyclus komt een volgroeid eitje vrij uit de eierstok. Dit is de eisprong of ovulatie. Het volgroeide eitje komt in de eileider terecht en verplaatst zich naar de baarmoeder. Als de eicel bevrucht wordt, nestelt het zich in de baarmoeder. Als er geen bevruchting is, wordt de vrouw ongesteld.

Het bekkengebied

In het bekkengebied bevinden zich belangrijke bloedvaten en lymfeklieren. Het lymfestelsel is een netwerk in het lichaam dat ervoor zorgt dat de vloeibare substantie lymfe vanuit de lichaamsweefsels naar de bloedbaan wordt vervoerd. Lymfe voert weefselvloeistof af en transporteert witte bloedcellen. Het lymfestelsel bestaat uit lymfevaten, lymfeklieren en lymfeorganen (beenmerg, milt en thymus).

Buikvlies of peritoneum

De buikholte wordt bekleed door het buikvlies, ook wel peritoneum genoemd. Om specifieker te zijn over waar een orgaan zich bevindt, verwijzen artsen vaak naar de positie van het orgaan ten opzichte van het peritoneum: een orgaan dat binnen het buikvlies ligt, wordt intraperitoneaal genoemd. Ligt het orgaan achter het buikvlies, dan noemen we het retroperitoneaal.